210 Chapter 10 significant hoger dan controle vrouwen zonder aanwijzingen voor afwijkingen aan de baarmoederhals. De combinatie ASCL1/LHX8 had een sensitiviteit van 73,3% en een specificiteit van 61,1% voor het opsporen van CIN3+. De resultaten uit deze studie tonen dat DNA-methylatiemarkers ASCL1/LHX8 een haalbare directe triagemethode is voor de detectie van CIN3+ bij hrHPV-positieve vrouwen die deelnemen aan routinematige screening met behulp van zelfafname. Voor een deel van de vrouwen was ook een uitslag op een uitstrijkje beschikbaar. De relatieve sensitiviteit voor het opsporen van CIN3+ was 0,95 voor zelfafname versus uitstrijkje, met een relatieve specificiteit van 0,82. De DNAmethylatiemarkers hadden eenzelfde prestatie voor de detectie van CIN3+ als HPV16/18 genotypering op zelfafnamen. DNA-methylatie analyse vereist doorgaans de extractie van genomisch DNA uit een klinisch monster, gevolgd door een behandeling met natriumbisulfiet en aansluitend een polymerase chain reaction (PCR-) amplificatie. PCR is een techniek waarbij vele kopieën van een specifiek stukje DNA kunnen worden gemaakt zodat detectie mogelijk is. Het hele proces is vrij arbeidsintensief. Om het laboratoriumprotocol voor DNA-methylatie analyse efficiënter te maken en geschikter voor implementatie in grootschalige screening, wordt in Hoofdstuk 5 een alternatief protocol onderzocht: directe bisulfietconversie. In deze studie hebben we 120 hrHPV-positieve uitstrijkjes gebruikt voor DNA-methylatie analyse, waarbij het directe conversieprotocol werd vergeleken met een protocol waarbij geïsoleerd DNA als input voor de natriumbisulfietconversie werd gebruikt. De resultaten tonen aan dat het directe conversieprotocol een hoog succespercentage en goede analytische prestatie heeft, waardoor de noodzaak van voorafgaande isolatie van genomisch DNA en normalisatie overbodig is. Deze praktische werkwijze vormt een belangrijke basis voor een effectieve grootschalige DNA-methyleringsanalyse, waarmee een volledig moleculaire analyse voor screening en triage binnen het bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker dichterbij komt. In het huidige bevolkingsonderzoek heeft de invoering van primaire HPV-screening met cytologie als triage test geleid tot een toename van doorverwijzingen voor colposcopie. Deze stijging is vooral merkbaar bij hrHPV-positieve vrouwen met milde cytologische afwijkingen (ASC-US/LSIL cytologie). Door deze toename in colposcopie verwijzingen is er behoefte aan een tweede triage test voor vrouwen met ASC-US/LSIL. In Hoofdstuk 6 hebben we 194 uitstrijkjes van hrHPV-positieve vrouwen met ASC-US/LSIL cytologie getest voor FAM19A4/miR124-2 methylatie, ASCL1/LHX8 methylatie en 14 hrHPV types en combinaties hiervan. Als manier om te kijken naar welke van de testen het beste werkt,
RkJQdWJsaXNoZXIy MjY0ODMw