Thesis

Nederlandse samenvatting | Dutch summary 207 10 In Nederland krijgen ongeveer 800 vrouwen per jaar de diagnose baarmoederhalskanker en overlijden ongeveer 200 vrouwen per jaar aan deze aandoening. Door vroege opsporing kan voorkomen worden dat baarmoederhalskanker zich ontwikkelt of kan baarmoederhalskanker beter behandeld worden. Desondanks is baarmoederhalskanker op dit moment wereldwijd nog altijd de vierde meest voorkomende vorm van kanker en de vierde meest voorkomende oorzaak van kanker-gerelateerde sterfte onder vrouwen. Met name in ontwikkelingslanden komt deze aandoening en sterfte als gevolg daarvan veel voor. Baarmoederhalskanker wordt veroorzaakt door een infectie met hoog risico (hr) types van het humaan papillomavirus (HPV), waarvan HPV16 en HPV18 het meest voorkomen. HPV is een seksueel overdraagbaar virus. De meeste HPV-infecties worden door het immuunsysteem opgeruimd. In sommige gevallen wordt het virus niet geklaard. Bij een langdurige HPV-infectie in de baarmoederhalscellen kan dit leiden tot de ontwikkeling van kanker. De ontwikkeling van baarmoederhalskanker is een langdurig proces dat tot 30 jaar kan duren. Het ontstaan van baarmoederhalskanker wordt voorafgegaan door voorloperstadia, bekend als cervicale intraepitheliale neoplasie (CIN). Deze voorloperstadia worden ingedeeld in geringe (CIN1), matige (CIN2) en ernstige (CIN3) afwijkingen, waarbij CIN3 het hoogste risico heeft op het veranderen in kanker. De aanwezigheid van voorloperstadia biedt de mogelijkheid tot screening en vroege behandeling. Door het opsporen en behandelen van een voorstadium kan baarmoederhalskanker voorkomen worden. In Nederland bestaat een landelijk bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker. Vrouwen tussen de 30 en 60 jaar worden uitgenodigd om hieraan deel te nemen. Naast het uitstrijkje bestaat sinds 2017 ook de mogelijkheid om aan het bevolkingsonderzoek deel te nemen door middel van een zelfafnameset (ZAS), waarmee vrouwen thuis zelf cellen uit de vagina kunnen verzamelen voor het onderzoek. Het uitstrijkje en de ZAS worden onderzocht op de aanwezigheid van een hrHPV-infectie door middel van een HPV-test (primaire HPV-test). De HPV-test werkt even betrouwbaar op het uitstrijkje en de zelfafname. Aangezien veel vrouwen drager kunnen zijn van HPV zonder dat er daadwerkelijk afwijkingen aan de baarmoederhals zijn, wordt wanneer hrHPV aanwezig is aanvullend gekeken naar de aanwezigheid van afwijkende cellen. Deze zogenaamde “triage” dient om alleen vrouwen met klinisch-relevante HPV-infecties met een onderliggend voorstadium of baarmoederhalskanker op te sporen. Voor vrouwen die deelnemen via een zelfafname betekent dit dat zij voor de triage-test een uitstrijkje moeten laten maken. Afhankelijk

RkJQdWJsaXNoZXIy MjY0ODMw